Oorsprong

De oorsprong van de taptoe gaat terug tot in de tijd van Prins Maurits, omstreeks het jaar 1600. De taptoe neemt in de militaire muziek een zeer bijzondere plaats in.

Oorspronkelijk was het een signaal, geslagen op de drum of geblazen op de trompet of hoorn. Destijds werd er 's avonds in de garnizoenen en kantonementen een signaal geslagen of geblazen als teken dat de soldaten zich naar hun nachtverblijven moesten begeven, want de "TAP" ging "TOE". Dit signaal werd ook wel retraite genoemd.

Als de manschappen niet uit zichzelf kwamen opdagen, gingen de officieren naar de herbergen om daar het bevel te geven dat de "TAP TOE" moest. Na omstreeks 1740 werd de taptoe nog slechts alleen in de kazernes geblazen.

Rond 1813, in de tijd van Napoleon, ontstond het gebruik om na het "taptoe-signaal" een koraal te laten volgen. Toen het "taptoe-signaal" zijn oorspronkelijke betekenis had verloren, werd de taptoe een militair ceremonieel gebeuren, ter afsluiting van de dag. Taptoe-signaal en koraal werden gevolgd door marsen en het geheel werd besloten met de regimentsmars en het volkslied.

 

Heden

Naar Engels voorbeeld is de taptoe de laatste tientallen jaren uitgebreid tot een show, waarin de medewerkende muziek- en tamboerkorpsen alleen of samen optreden.

De afsluitende finale is te beschouwen als voortzetting van de oorspronkelijke ceremoniële taptoe. De uitvoering van de taptoe door burger- en tamboerkorpsen is de laatste jaren hand over hand toe genomen en gezegd mag worden - voor diverse korpsen - met veel succes.

Bron: Tweemaandelijks tijdschrift - Caecilia nr. 255

Koninklijk Muziekverbond van België